Geaccrediteerde nascholing
Menu

Dwangstoornis bij kinderen

  • 00Inleiding
  • 01Prevalentie
  • 02Kenmerken
  • 03Subtypering van OCS
  • 04DSM-5-classificatie, differentiële diagnostiek en comorbiditeit
  • 05Etiologie
  • 06Diagnostiek
  • 07Meetinstrumenten en vragenlijsten
  • 08Conclusies
  • 09Reacties (0)

Samenvatting

Samenvatting van geaccrediteerde nascholing

Obsessieve-compulsieve stoornis (OCS) bij kinderen komt relatief veel voor en is vaak als comorbiditeit aanwezig bij andere pediatrische stoornissen, zoals ADHD, ticstoornissen, eetstoornissen en autisme. Een vroege herkenning is van belang om tijdig te kunnen behandelen en mogelijk andere psychopathologie in de latere ontwikkeling te kunnen voorkomen. In deze samenvatting van een artikel zoals verschenen in PsyXpert 2022-1 worden de kenmerken van OCS bij kinderen, differentiaaldiagnostische overwegingen en comorbiditeit, mogelijk etiologische factoren en de diagnostiek beschreven.

Obsessieve-compulsieve stoornis (OCS) is een psychiatrische aandoening die bestaat uit zich opdringende en ongewilde gedachten, beelden of impulsen (obsessies) en repeterende openlijke of mentale handelingen (compulsies). Twee bevindingen uit de praktijk en de literatuur zijn de aanleiding om een artikel over OCS specifiek bij kinderen te schrijven. De eerste is, dat OCS in meer dan 50% van de gevallen in de kindertijd begint en voortduurt in de volwassenheid. De tweede bevinding is, dat het gemiddeld zeven jaar duurt voordat iemand met OCS hulp zoekt en/of de juiste behandeling krijgt. Dat kan betekenen dat OCS in de kindertijd (en/of in de volwassenheid) relatief vaak gemist wordt.

DSM-5
OCS is nu in de DSM-5 ondergebracht onder obsessieve-compulsieve stoornissen en aanverwante stoornissen. Een nadere onderverdeling in drie groepen is mogelijk op basis van het eigen aandeel in de gevreesde ramp:

  1. Obsessies rondom vreselijke dingen die je zou kunnen willen. De inhoud van de obsessies gaat gepaard met opzet en schuld en bestaat uit nare voorstellingen, die seksueel, (auto)agressief, godslasterlijk of moreel verwerpelijk van aard zijn.
  2. Obsessies rondom vreselijke dingen die door jouw toedoen of nalatigheid gebeuren. In deze obsessies zitten elementen van per ongeluk, verantwoordelijkheid en onvergeeflijke fouten.
  3. Obsessies rondom vreselijke dingen die je overkomen. Bij deze obsessies is er geen sprake van een eigen aandeel en betreffen het verschrikkelijke gebeurtenissen.

Compulsies kunnen overt (openlijk) of covert (bedekt of mentaal) zijn.

Etiologie
In de etiologie is er een rol weggelegd voor erfelijkheids-, neurobiologische, immunologische en cognitief-gedragsmatige factoren. De bijdrage van erfelijke factoren aan de ontwikkeling van OCS varieert in verschillende studies tussen de 5% en 40% afhankelijk op welke wijze men dit bestudeert. OCS lijkt een gemeenschappelijke genetische aanleg te delen met autisme, schizofrenie en bipolaire stoornis.

Comorbiditeit
Comorbiditeit komt veel voor bij OCS. Een veelvoorkomende comorbide stoornis bij kinderen met OCS is ADHD. Daarnaast gaat OCS vaak samen met verschillende angststoornissen en depressieve stoornis, ticstoornissen en gedragsstoornissen. Omgekeerd komt OCS als comorbide stoornis voor bij bipolaire stoornis (met name met een begin in de adolescentie), ticstoornissen, autismespectrumstoornissen, eetstoornissen en schizofrenie.

Diagnostiek
Een vroegere herkenning van OCS kan op twee manieren: alert zijn op verschijnselen die op dwangproblematiek kunnen wijzen en actief informeren. Er is voor volwassenen geen Nederlandstalig screeningsinstrument, maar wel voor kinderen: de vertaalde Short OCD Screener (SOCS). De lijst is te vinden op www.ocdnet.nl.

Meetinstrumenten en vragenlijsten
De ernst kan worden gekwantificeerd met schalen. De Clinical Global Impression-Severity scale (CGI-S) is daarbij een heel eenvoudige 7-puntsschaal gebaseerd op de klinische indruk. Een specifieker meetinstrument is de Yale Brown Obsessive Compulsive Scale (Y-BOCS), met vijf items voor obsessie en vijf voor compulsies. Er is ook een Y-BOCS Symptom Checklist, die gebruikt kan worden om alle mogelijke symptomen langs te lopen. De versie voor kinderen heet de CY-BOCS en is bijna identiek, alleen iets anders geformuleerd. Op www.ocdnet.nl zijn diverse lijsten te vinden en digitaal in te vullen.

PsyXpert
Dit artikel is een sterk verkorte weergave van het nascholingsartikel ‘Dwangstoornis bij kinderen’ door drs. Bas Heycop ten Ham (klinisch psycholoog/ GZ-psycholoog) en drs. Menno Oosterhoff (kinder- en jeugdpsychiater). Het volledige artikel is verschenen in nascholingsmagazine PsyXpert, editie 2022-1. Na het bestuderen van dit artikel:

  • kent u de verschillende uitingsvormen van een dwangstoornis en OCS-spectrumstoornissen bij kinderen;
  • kent u het onderscheid tussen een ticstoornis en een dwangstoornis bij kinderen;
  • weet u wat veelvoorkomende comorbiditeit bij een dwangstoornis bij kinderen is;
  • kent u mogelijke oorzaken en in stand houdende factoren van een dwangstoornis bij kinderen;
  • kunt u screeningsvragen en verdiepingsvragen gebruiken voor het stellen van de diagnose dwangstoornis bij kinderen.

Bent u psychiater, klinisch psycholoog, NVP-lid of Eerstelijnspsycholoog NIP? Dan kunt u de bijbehorende e-learning vinden op www.psyxpert.nl en 1 PE-punt behalen.

Bent u lid? Log in om het volledige artikel te bekijken of om te reageren.

Abonneren

Informatie over dit artikel

Auteurs Drs. B.F. (Bas) van Heycop ten Ham,
Drs. M. (Menno) Oosterhoff,
Thema Hoofdartikel - Diagnostiek
Accreditatie 1 accreditatiepunt
Publicatie 21 maart 2022
Editie PsyXpert - Jaargang 8 - editie 1 - 2022-1

Leerdoelen

Na het bestuderen van dit artikel:

  • kent u de verschillende uitingsvormen van een dwangstoornis en OCS-spectrumstoornissen bij kinderen;
  • kent u het onderscheid tussen een ticstoornis en een dwangstoornis bij kinderen;
  • weet u wat veelvoorkomende comorbiditeit bij een dwangstoornis bij kinderen is;
  • kent u mogelijke oorzaken en in stand houdende factoren van een dwangstoornis bij kinderen;
  • kunt u screeningsvragen en verdiepingsvragen gebruiken voor het stellen van de diagnose dwangstoornis bij kinderen.